Dit is een artikel van dr. Gail Dines dat verschenen is in The Washington Post. Dines is professor in de sociologie aan het Wheelock College in Boston en auteur van "Pornland: How Porn has Hijacked our Sexuality." Lees het Engelstalige origineel op ons blog.

07/07/2017 • vertaling: Joan Lindhout

Is porno immoreel? Doet er niet toe: het is een gevaar voor de volksgezondheid

Het in meerderheid Republikeinse Huis van Afgevaardigden in Utah is de eerste wetgevende macht in de Verenigde Staten waar een resolutie is aangenomen die pornografie aanmerkt als “een gevaar voor de volksgezondheid dat een breed scala aan individuele en publieke gezondheidsproblemen veroorzaakt en de maatschappij schade berokkent”. De liberale oppositie hekelde deze maatregel als zijnde ‘ouderwets conservatief gemoraliseer’. De Daily Beast noemde het “hypocriet” en “kortzichtig”. “Er is helemaal geen bewijs”, schreef Rewire, een online nieuwsmedium gericht op het blootleggen van “onwaarheden en misinformatie”.

Porno is een gevaar voor de volksgezondheid

Het punt is, ongeacht wat je van pornografie vindt (schadelijk tijdverdrijf of onschuldige fantasie), het bewijs is er. Na 40 jaar van peer-reviewed onderzoek kunnen wetenschappers met genoeg zekerheid zeggen dat porno een geïndustrialiseerd product is dat vormgeeft hoe wij denken over gender, seksualiteit, relaties, intimiteit, seksueel geweld en gendergelijkheid - en dat niet ten goede. Door porno vanuit een gezondheidsperspectief te bekijken en de groeiende impact op zowel gebruikers als de samenleving als geheel te onderkennen, ligt Utah’s resolutie simpelweg in lijn met het laatste wetenschappelijke onderzoek.

De hedendaagse pornostatistieken zijn duizelingwekkend. De Huffington Post kopte in 2013: “Pornosites ontvangen per maand meer bezoekers dan Netflix, Amazon en Twitter gecombineerd”, en een van de grootste aanbieders van gratis porno, YouPorn, verbruikte zes keer zoveel bandbreedte dan Hulu [soort Netflix, red.] in 2013. Pornhub, een andere grote aanbieder van gratis porno, klopte zich trots op de borst dat ze in 2015 21,2 miljard bezoekers hadden en “per seconde 75GB aan data gestreamd werd, dat neerkomt op genoeg porno om de opslagruimte te vullen van 175 miljoen 16GB iPhones”.

Uitgebreid wetenschappelijk onderzoek toont aan dat blootstelling aan en gebruik van porno het sociale, emotionele en fysieke welzijn ondermijnt van individuen, gezinnen en gemeenschappen en onderstreept daarmee de mate waarin porno een volksgezondheidsprobleem is in plaats van een privéaangelegenheid. Maar net zoals de tabaksindustrie decennialang volhield dat er geen bewijs was voor een relatie tussen roken en longkanker, zo ook beweert de pornoindustrie met behulp van een goed geoliede pr-machine, dat er geen empirisch onderzoek bestaat naar de impact van haar producten.

Verband tussen porno en seksuele aggressie

Met een breed spectrum aan methodieken hebben onderzoekers van verschillende disciplines aangetoond dat porno kijken in verband te brengen is met schadelijke effecten. In een onderzoek onder Amerikaanse mannelijke studenten, vonden de onderzoekers dat 83 procent aangaf mainstream pornografie te kijken en dat bij diegenen een grotere kans was dat ze iemand zouden verkrachten of aanranden (als ze zouden weten niet gepakt te worden) dan de mannen die de afgelopen 12 maanden geen porno hadden gekeken. Een bevinding uit hetzelfde onderzoek was dat pornokijkers minder geneigd zouden zijn om in te grijpen als zij een aanranding zouden zien gebeuren. In een onderzoek onder jonge tieners in het zuidoosten van de VS, gaf 66 procent van de jongens aan het afgelopen jaar porno te hebben gekeken. Deze vroege blootstelling aan porno werd gecorreleerd met het plegen van seksueel ongewenst gedrag twee jaar later. Een recente meta-analyse van 22 onderzoeken tussen 1978 en 2014 uit zeven verschillende landen wees uit dat pornoconsumptie de kans kan vergroten om verbale of fysieke seksuele aggressie te gebruiken, ongeacht leeftijd. Een meta-analyse uit 2010 van verschillende onderzoeken vond “een aanzienlijke positieve samenhang tussen pornogebruik en goedkeurende houdingen ten opzichte van geweld tegen vrouwen”.

Een onderzoek uit 2012 onder vrouwen in de studerende leeftijd met mannelijke partners die porno kijken, concludeerde dat het lagere zelfbeeld en de verminderde kwaliteit van de relatie en seksuele genoegdoening van de jonge vrouwen correleerde met het pornogebruik van hun partner. Daarnaast bleek uit een onderzoek uit 2004 dat blootstelling aan gefilmde seks de eerste seksuele ervaring van jongvolwassenen aanzienlijk bespoedigt: “De omvang van dit effect was dat de waarschijnlijkheid dat de jongeren de eerste keer seks zouden hebben in het daaropvolgende jaar twee keer zo groot was in het 90e percentiel van tv-sexkijkers dan ten opzichte van de jongeren in het 10e percentiel”, schreven de auteurs van het onderzoek. Deze onderzoeken zijn allemaal gepubliceerd in collegiaal getoetste wetenschappelijke media.

Geweld in mainstream porno

Omdat zoveel porno gratis en ongefilterd verkrijgbaar is via de meeste digitale toestellen, wordt de gemiddelde leeftijd waarop iemand voor het eerst porno ziet door sommige onderzoekers geschat op 11 jaar. Bij gebrek aan een goed onderwijsprogramma voor seksuele voorlichting op veel scholen, is porno de feitelijke seksuele voorlichting voor jongeren geworden. En wat zien deze kinderen? Als je nu de middenpagina van de Playboy in gedachten hebt met een vriendelijk lachende blote vrouw in een graanveld, denk dan nog maar even verder. “Klassieke” mannenbladen zoals Playboy stellen het tegenwoordig zonder de soft-core naaktfoto’s van weleer; terwijl gratis en overal verkrijgbare pornografie vaak gewelddadig, vernederend en extreem is.

In een contentanalyse van de best verkochte en verhuurde pornofilms vonden onderzoekers dat 88 procent van de geanalyseerde scènes fysieke aggressie bevatte: klappen op het achterwerk, kokhalzen, keel dichtknijpen en slaan. Verbale aggressie vond plaats in 49 procent van de scènes, meestal door de vrouw een “hoer” en “slet” te noemen. In 70 procent van de gevallen pleegden mannen de aggressieve handelingen en waren vrouwen in 94 procent van de gevallen het doelwit. Het is lastig rekening te geven van alle “gonzo-” en amateurporno die online verkrijgbaar is, maar er is genoeg reden om aan te nemen dat de gekochte en gehuurde porno uit de analyse voor een groot deel overeenkomt met de inhoud van gratis pornosites. Zoals onderzoeker Shira Tarrant uitlegde: “De tube sites zijn een verzamelbak van een hoop verschillende links en filmpjes en in veel gevallen zijn die geplagieerd of gestolen”. Dus porno dat gemaakt was om te verkopen, wordt gratis aangeboden.

De pornoacteurs en -actrices lopen ook risico, op manieren die zowel henzelf als het bredere publiek treft. Naast de regelmatige beschuldigingen van seksueel geweld en intimidatie, tieren seksueel overdraagbare infecties welig op de filmsets. In een onderzoek van 2012 onder 168 seksperformers (67 procent vrouwen, 33 procent mannen), leed 28 procent aan een van de 96 infecties. Nog zorgwekkender was volgens de auteurs dat gebruikte protocollen in de pornoindustrie de infecties aanzienlijk onderdiagnosticeerden: 95 procent van mond- en keelinfecties en 91 procent van rectale infecties waren asymptomatisch, wat volgens de auteurs voor een grotere kans zorgde dat deze op partners binnen en buiten de seksindustrie zouden worden overgedragen. Omdat werkers in de industrie zelf geprotesteerd hebben tegen veiligheidsmaatregelen zoals het verplichte gebruik van condooms en andere voorbehoedsmiddelen, blijkt het lastig om via wetgeving deze performers te beschermen.

Porno is een probleem van iedereen

Behalve tegen de pornoindustrie beginnen wetgevers ook tegen een andere snelgroeiende vorm van pornografie actie te ondernemen: wraakporno. Hierin posten en verspreiden de daders seksueel expliciet beeldmateriaal online van hun slachtoffers (vaak hun ex-vriendinnen) zonder hun toestemming. Het is geen verrassing dat wraakporno in verband gebracht is met verschillende zelfmoorden en gebruikt is om minderjarigen af te persen en seksueel uit te buiten.

Vanwege het opstapelende bewijs heeft een een coalitie van academici, gezondheidsexperts, onderwijzers, feministische activisten en zorgverleners besloten dat ze niet langer willen toestaan dat de pornoindustrie beslag legt op het fysieke en emotionele welzijn van onze samenleving. Dit betekent het erkennen dat porno een probleem is van iedereen. Culture Reframed, een organisatie die ik heb opgericht en momenteel voorzit, rolt nu een strategie uit om porno aan te duiden als de volksgezondheidscrisis van het digitale tijdperk. We ontwikkelen onderwijsprogramma’s voor ouders, jongeren en een reeks professionals met als doel om de cultuur waarin een pornografische en onderdrukkende kijk op seksualiteit genormaliseerd wordt, om te vormen naar een cultuur die seksualiteit waardeert en promoot en die gestoeld is op gezonde intimiteit, wederzijdse zorg en respect.

Ouders en onderwijzers op ieder niveau moeten weten dat als er niet over porno gepraat wordt in een op wetenschap gebaseerd seksueel voorlichtingsprogramma passend bij de leeftijd, de effecten zeker duidelijk naar boven zullen komen in de vorm van seksuele intimidatie, nare ervaringen bij het daten en onbedoelde “kinderporno” op smartphones van schoolgaande jeugd. Pornografie kan voor levenslange problemen zorgen als jonge mensen niet geleerd wordt onderscheid te maken tussen harde porno-seks en gezonde, veilige seks. Zoals de onderzoeken aantonen is porno niet puur een moreel struikelblok en onderwerp van debat in cultuurdiscussies. Het is een bedreiging voor onze volksgezondheid.

Volg het laatste nieuws

We werken keihard aan een pornovrije generatie. Je kunt ons helpen door onze boodschap te verspreiden. Schrijf je zeker ook in voor onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven en de juiste informatie en tools te krijgen om mee te kunnen doen. Blijf niet stil, jouw stem is hard nodig!

Volg ons op social media en steun ons in de strijd!